De Verrekijker is een Jenaplanschool

Jenaplanonderwijs omvat meer dan het aanleren van schoolse kennis en vaardigheden als lezen, schrijven en rekenen, maar is ook gericht op de opvoeding van kinderen. Kinderen leren in een Jenaplanschool veel. Ze doen dat door deel te nemen aan de zogenaamde 'basisactiviteiten' Gesprek, Werk, Spel en Viering.

Gesprek

Gesprekken zijn een manier om elkaar te informeren en te begrijpen. De dag omvat meestal meerdere 'kringgesprekken', bijvoorbeeld een boeken-, actualiteiten-, instructie- of discussiekring.

Spel

Spelen is leren! Door samen te spelen, leren kinderen om rekening met elkaar te houden. Het is een manier om creatief bezig te zijn en de fantasie te gebruiken en te ontwikkelen. Voorbeelden hiervan zijn 'gewone' leerspellen maar ook drama, rollenspellen of buitenspelen.

Werk

Bij werk gaat het om alle schoolse vakken zoals rekenen, taal, wereldoriëntatie en creatieve vakken. De opdrachten worden zo aantrekkelijk en uitdagend mogelijk aangeboden. Kinderen werken individueel, in tweetallen of in kleine groepjes. Er zijn ook instructiemomenten, bijvoorbeeld voor een jaar- of niveaugroep.

Viering

De viering is bedoeld om stil te staan bij bijzondere momenten, zoals de introductie van een nieuw schoolbreed project, kerst of verjaardag, of om aan elkaar te laten zien wat we hebben geleerd die week.

Ritmisch weekplan

De Verrekijker laat deze vier basisactiviteiten volgens een ritmisch weekplan plaatsvinden waarbij werk en ontspanning elkaar afwisselen. Wij streven ernaar dat er zoveel mogelijk afwisseling in activiteiten plaatsvindt. Je kan niet de hele dag spelen, werken of vieren.

Wereldoriëntatie

Het vak wereldoriëntatie neemt een even belangrijke plaats in als taal, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling. De leerlingen werken vaak aan 'thematische' projecten. Hierbij komen vakken geïntegreerd aan bod en zijn bijvoorbeeld ook taal- of rekenactiviteiten gekoppeld aan een wereldoriënterend thema.  De kinderen leren de wereld in samenhang kennen. Dus niet in afzonderlijke vakken als aardrijkskunde, natuurkunde, geschiedenis, maatschappijleer of techniek.

Leerlingen leren zowel binnen als buiten de school. Zij gaan daarom soms op pad en gaan dingen zelf ervaren, ontdekken en onderzoeken. De buitenwereld komt ook de school in bijvoorbeeld als er mensen iets komen vertellen of demonstreren.

Door deze benadering wordt de wereld van de leerlingen steeds groter en leren zij om een mening te vormen en de wereld om hen heen te leren kennen.

Stamgroepen

Het is belangrijk dat kinderen leren omgaan met verschillen, dat ieder kind verschillend kan en mag zijn en dat kinderen leren van verschillen. Daarom werkt De Verrekijker met stamgroepen. In een stamgroep zitten kinderen van verschillende leeftijden. Het gaat hier niet om combinatiegroepen. In de stamgroep verandert de positie van kinderen elk jaar. Soms behoort een kind tot de jongste van de klas en soms tot de oudste. Deze dynamiek biedt mogelijkheden om van en met elkaar te leren en voor elkaar te zorgen.

Continurooster

Op de Verrekijker werken wij met een continurooster. Dit betekent dat alle leerlingen op school tussen de middag samen eten. Door dit rooster is de schooldag één geheel. De dag verloopt hierdoor rustiger en het samen eten wordt als een gezellige en sociale ervaring gezien. 's Middags hoeft er niet opnieuw opgestart te worden, wat weer ten goede komt aan de effectieve onderwijstijd.

Inclusief onderwijs

De Verrekijker staat open voor alle leerlingen, zowel begaafde leerlingen als leerlingen met leermoeilijkheden en/of een belemmering.
Een inclusieve school probeert op een zinvolle manier tegemoet te komen aan de verschillende behoeften van al deze kinderen. Om dit te realiseren krijgt ons team de nodige ondersteuning, middelen en scholing.

 

Na acht jaar Jenaplanonderwijs voldoet een kind aan de kerndoelen zoals die door het ministerie van onderwijs zijn opgesteld. Uit onderzoek blijkt dat er geen grote verschillen in cognitieve ontwikkeling bij Jenaplan- en niet-Jenaplanleerlingen zichtbaar zijn. Wel blijkt vaak dat Jenaplankinderen op sociaal-emotioneel gebied in positieve zin opvallen. Jenaplankinderen uiten zich makkelijker en hebben meer lef als het gaat om presentaties en voorstellingen.

Bovendien staat een schoolloopbaan op de Verrekijker voor wereldwijze kinderen, die zich hebben kunnen ontwikkelen in alle ruimte en veiligheid.

 

Jenaplanerkenning

In 2008 heeft de Nederlandse Jenaplan Vereniging een denktank geformeerd die opdracht heeft gekregen om op zoek te gaan naar de essenties van het Jenaplanconcept in de huidige tijd: Wat onderscheidt Jenaplanscholen van andere (vernieuwings)scholen?
 
Een denktank formuleerde dat relaties de essentie van het Jenaplanonderwijs zijn, te weten: relatie met jezelf, met de ander en het andere en met de wereld om je heen.
Zo kwamen zij tot twaalf kernkwaliteiten, waarvan de denktank vindt dat alle Jenaplanscholen, als zij een erkende Jenaplanschool willen zijn en zich willen onderscheiden van andere (vernieuwings)scholen, deze moeten erkennen, onderschrijven en in de praktijk vormgeven.

De jenaplankernkwaliteiten

  1. Relatie van het kind met zichzelf
    1. Kinderen leren kwaliteiten/uitdagingen te benoemen en in te zetten, zodanig dat  zij zich competent kunnen voelen.
    2. Kinderen leren zelf verantwoordelijkheid te dragen voor wat zij willen en moeten leren, wanneer zij uitleg nodig hebben en hoe zij een plan moeten maken.
    3. Kinderen worden beoordeeld op de eigen vooruitgang in ontwikkeling.
    4. Kinderen leren te reflecteren op hun ontwikkeling en daarover met anderen in gesprek te gaan.
  2. Relatie van het kind met de ander en het andere
    1. Kinderen ontwikkelen zich in een leeftijdsheterogene stamgroep.
    2. Kinderen leren samen te werken, hulp geven en ontvangen met andere kinderen en daarover te reflecteren.
    3. Kinderen leren verantwoordelijkheid te nemen en mee te beslissen over het harmonieus samenleven in de stamgroep en school, opdat iedereen tot zijn recht komt en welbevinden kan ervaren.
  3. Relatie van het kind met de wereld
    1. Kinderen leren dat wat ze doen er toe doet en leren in levensechte situaties.
    2. Kinderen leren zorg te dragen voor de omgeving.
    3. Kinderen passen binnen wereldoriëntatie de inhoud van het schoolaanbod toe om de wereld te leren kennen.
    4. Kinderen leren spelend, werkend, sprekend en vierend volgens een ritmisch dagplan.
    5. Kinderen leren initiatieven te nemen vanuit hun eigen interesses en vragen.

In de periode 2011-2016 werken jenaplanscholen aan de uitwerking van bovengenoemde jenaplankernkwaliteiten in school-en regioverband.
Scholen, die hiervan werk maken, ontvangen een erkenningsbord van de NJPV.